Alfred de Jong, anesthesiemedewerker, vertelt

p31_mooi_verhaal_optie_2_custom.jpg

Als zorgverlener maak je heel wat mee in het ziekenhuis. Iedere dag nieuwe gezichten, nieuwe verhalen. Ditmaal anesthesiemedewerker Alfred de Jong, werkzaam op de operatiekamers. 

In het ziekenhuis liggen is voor patiënten vaak heel bijzonder. Alfred de Jong werkt al dertig jaar als anesthesiemedewerker op de operatiekamers (OK): ‘In ons werk proberen we het iedere keer weer een millimeter beter te doen dan de vorige keer. Het zijn de kleine dingen die het gevoel van welbevinden kunnen beïnvloeden. Op woensdag en donderdag draaien we het KNO-programma voor kinderen. Denk aan amandelen knippen of buisjes plaatsen. Voor kinderen (en ouders) is dat heel spannend. Het is belangrijk dat zij veilig zijn en zich veilig voelen. We volgen een uitgebreide veiligheidsprocedure, maar er is ook aandacht voor de beleving van het kind. Nog niet zolang geleden maakte ik iets bijzonders mee. Een moeder komt met haar vierjarige zoontje de OK binnen. Het zoontje verschuilt zich achter zijn moeders benen. Hij krijgt buisjes. Je moet je voorstellen dat zo’n jongetje door een paar deuren is gegaan en ineens een operatiekamer binnenkomt met lampen, apparatuur en acht man in OK-pak. Zo’n ventje voelt dat het allemaal om hem draait. Een onderdeel van de veiligheidsprocedure is dat de KNO-arts de moeder een aantal controlevragen stelt. De aandacht gaat dan even af van het kind en op dat moment duik ik op mijn knieën, zodat ik op ooghoogte met het patiëntje sta. Hij houdt zijn knuffel-eend stevig vast. Het eendje heeft een enorme snavel. “Wie heb jij bij je?”, vraag ik. “Kwak. Hij gaat op mij passen!” Ik kijk hem aan: “Wat vind je eng?”. “Ik wil niet slapen.” Mijn trucje is om eerst de knuffel met de kap onder narcose te brengen en daarna het ventje. De anesthesioloog werkt graag mee. Dat ging geweldig, want “Ssssttt, Kwak slaapt, nou jij ook” en daar ging die. Moeder blij en weg. Buisjes erin. Een tijdje later kom ik het kereltje tegen in de gang aan de hand van z’n moeder, hij herkent me en vraagt: “Meneer, mag ik nog een keer?”. Moeder schiet in de lach en ik ook natuurlijk. De moeder toonde haar dankbaarheid, waarna ik verwees naar de teamprestatie, “Wij doen het graag perfect, mevrouw!”.

Om franciscus.nl goed te laten functioneren maken we gebruik van cookies. Bekijk ons cookiebeleid