Hormoontherapie

Bij borstkanker wordt altijd onderzocht of de tumor hormoongevoelig is. Dit gebeurt in een pathologisch onderzoek van het tumorweefsel. Als borstkankercellen groeien door de geslachtshormonen oestrogeen en progesteron, wordt de tumor 'hormoongevoelig' genoemd. Als de tumor hormoongevoelig is, komt u in aanmerking voor hormoontherapie. Dat wil zeggen dat u medicijnen krijgt die de eigen hormoonproductie blokkeren of remmen zodat de kankercellen niet meer groeien.

Wat zijn hormonen?

Hormonen zijn stoffen die ons lichaam zelf maakt. Een belangrijke groep hormonen die ons lichaam aanmaakt zijn de vrouwelijke en mannelijke geslachtshormonen. Hormonale therapie beïnvloedt de aanmaak van uw eigen hormonen. Door de therapie wordt de werking van uw hormonen geremd of volledig geblokkeerd. Hierdoor kunnen kwaadaardige cellen stoppen met groeien, kleiner worden of verdwijnen.

Waarom hormonale therapie bij borstkanker?

Welke hormonale behandeling iemand krijgt, hangt af van het stadium van de ziekte en of de vrouw wel of niet in de overgang is. Hoe lang u de medicijnen moet slikken, is ook wisselend. Hormonale therapie kan aanvullend op andere behandelingen gegeven worden, in de hoop daarmee de kans op genezing te vergroten en de kans op terugkeer te verkleinen. Daarnaast wordt deze behandeling toegepast bij uitgezaaide kanker, met de verwachting de kanker tijdelijk terug te dringen, de levensduur te verlengen of de symptomen te verminderen.

Behandeling

Wanneer u start met hormonale therapie, komt u op het spreekuur bij de gespecialiseerd oncologieverpleegkundige of de verpleegkundig specialist oncologie. Zij bespreekt met u hoe de behandeling verloopt, welke bijwerkingen u misschien krijgt en hoe u hiermee om kunt gaan. Daarna vinden de controles afwisselend plaats bij haar en de internist-oncoloog.
Hormonale therapie volgt u voor een periode van vijf jaar of eventueel langer. De therapie bestaat uit een medicijn in de vorm van een tablet. U neemt deze eenmaal per dag in. Vrouwen die nog niet in de overgang zijn kunnen aanvullend eens in de drie maanden een injectie krijgen. Deze injectie legt de werking van de eierstokken stil.

Bijwerkingen

Bijwerkingen die onder andere voor kunnen komen zijn: onvruchtbaarheid, opvliegers, transpireren, gewrichtsklachten, botontkalking, gewichtstoename, stemmingswisselingen, misselijkheid, hoofdpijn en duizeligheid, trombose en hart- en vaatziekten. Om bijwerkingen tegen te gaan, krijgt u adviezen over uw leefstijl, voeding en medicatiegebruik.

Om franciscus.nl goed te laten functioneren maken we gebruik van cookies. Bekijk ons cookiebeleid